Verhalen door Femke 

Verhaal/Dagboek Jara. Begin:

5:10, 2009-May-13  ..  comments  ..  Link
 

13-05-2009, 10:24

We wonen nou al een week in ons nieuwe huis. Het is wel even wennen zo’n klein huis, met zeven, en dan een tien keer zo grootte tuin. Ira en Djayden slapen al, helaas bij mij op de kamer. Ludo en Timon slapen op een andere kamer. Zij zijn allebei geadopteerd uit Griekenland en hebben de zelfde moeder. Halfbroertjes dus. Alleen Timon is vijftien, een echte puber en Ludo nog maar twee. Morgen moet ik naar school, vorige week niet, toen moest ik helpen. Ik ga wel gewoon naar mijn oude school, dat ligt toch niet zo ver hier vandaan. Timons middelbare school ligt vlak naast mijn school. En hij brengt altijd Ludo naar de crèche, ook vlakbij. Alleen Ira en Djayden gaan naar een andere school, zij vinden dat juist leuk. Maar ja, dat moeten zij weten.

Ik ga nu slapen, het is al heel laat en anders verslaap ik me morgen. Jara



Leuk begin voor een verhaal:

3:04, 2009-Jan-17  ..  comments  ..  Link

"Deze is voor kamer drie bij de nieuwe mensen!" Zegt Bart.

"Wie zijn dat dan?"

 "Ene familie Rijn, ken je die?"

'Ja Sander die zit bij mij in de klas!'

"Wat toevallig binnenkort komt ook die ene Lisce hier!"

 Onee, niet Lisce, denkt Jara.

Ze pakt het ontbijtje en loopt door de gangen van het woonhotel.

Haar ouders verhuren acht kamer.

Een beetje grote, die op kleine appartementjes lijken.

Nou ja haar ouders, stiefvader Bart en moeder.

Dat Sander er komt is leuk, heel erg leuk, maar Lisce!

Was Mex nou maar gebleven.

Hij gaat twee jaar naar Griekenland, zijn familie woont daar.

Jara klopt op de deur.

Tk, tk, tk.

Mocht nou net Sander opendoen.

'Hé Jara"

"Hoi, hier is het ontbijt!"

"Dank je, wil je nog even binnen kijken? We hebben een paar dingen verandert!"

"Uhh, Ja is goed."

Ze lopen naar binnen............



Nieuwe buren

10:48, 2009-Jan-11  ..  comments  ..  Link

“…108…109…110…” Lisa telt de regendruppels die op het raam naar beneden glijden.Lisa verveelt zich. Het is Krokusvakantie en bijna al haar vrienden zijn op skivakantie. Lisa is de enige die niet gaat."Mama ik verveel me!" Zegt Lisa. Lees een boek antwoordt mama. Lisa pakt maar een boek. Een paar minuten later komt ze alweer terug. "Jij leest snel!", zegt Mama als ze Lisa voorbij ziet lopen.Ik heb het boek niet gelezen!: Lisa pakt een appel" “Straks komt tante Sylvie met Katja. Dan kunnen jullie samen spelen,” zegt mama.

 

Half twee. Tante Sylvie en Katja zijn gekomen. Mama en tante Sylvie praten en Lisa en Katja spelen samen een gezeldschapspel. Een kwartier later vraagt Katja: “Gaan we met de poppen spelen?” Katja is 6 jaar en speelt graag met poppen. “Oke,” antwoord Lisa. Ze gaan naar boven in Lisa’s kamer. Lisa haalt al haar poppen uit een grote doos. Katja speelt er mee. Lisa gaat voor het raam staan. Ze ziet verhuiswagens die tegenover het huis van Lisa stopt. Lisa loopt naar beneden en zegt tegen mama: “We hebben nieuwe buren.” Ze doet haar laarzen en regenjas aan, pakt een paraplu en loopt naar buiten. Lisa gaat naar de nieuwe buurvrouw en vraagt: “Mag ik jullie helpen?” “Natuurlijk. Ik ben Mevrouw Jelins,” antwoord Mevrouw Jelins. Een meisje van Lisa leeftijd komt uit huis buiten. “Ik ben Kim Jelins. Wie ben jij?” vraagt ze. “Ik ben Lisa Leeuwenhart,” antwoord Lisa. Lisa pakt een doos en brengt die naar binnen. Een uur later zijn alle dozen in het huis. Alle voorwerpen halen ze uit de doos. Knets!!! Lisa laat een bord vallen. “Oh, sorry mevrouw Jelins. Het was niet mijn bedoeling,” treut Lisa.'Is niet erg. Dat bord hadden we toch niet nodig."Mevrouw Jelins ruimt de scherven op.Dar komt de verhuiswagen met de meubels. Een paar sterke mannen brengen de bedden de zetels, de tafels enzovoort naar binnen.

 

Een week later is het huis van de familie Jenkins mooi ingericht. Nu verveelt Lisa zich niet meer. Ze gaat bij Kim spelen of Kim komt bij haar spelen.



Stoppen!

9:58, 2009-Jan-1  ..  comments  ..  Link
Ik ga met deze verhalenweblog stoppen, omdat er al zoveel verhalen opstaan. Dit waren al mijn verhalen van toen ik een jaar of acht negen was. Binnenkort begin ik een nieuwe, met verhalen die ik nog niet zolang heb geschreven. Ik heb er deze tijd ook maar weinig tijd voor.

tip

11:57, 2008-Dec-27  ..  comments  ..  Link

tip: afmaakanna.verhalen.nl

Hier ga ik zelf ook aan meedoen



Dagboek Ira, 2 december 2008, dinsdag 15:54

3:51, 2008-Dec-2  ..  comments  ..  Link

Hoi lief Dagboek,

Ik heb straks tennis terwijl het vriest!

In de winter is het echt niet leuk.

Vandaag was "Sinterklaas" (uhm.... ) bij de oppas.

Heb jou gekregen en ben er echt heel blij mee.

Tenminste als je beloofd dat je nooit open zult gaan voor iemand anders.

Hier staan al mijn "verboden" verhalen in. Geheimzinnig he.

Maar moet me om gaan kleden, en Noor(mijn zus) kan ieder moment boven komen

Daag, Ira Lanerks



Hier kunnen we kletsen

2:11, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Misschien een beetje nageaapt van Winettel maar dit wordt dan een soort chatten!

Mensen, gedicht

9:55, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
er zijn heel veel mensen op de wereld
mensen geven je haat
mensen laten je alleen
en daar worden wij zo hard van als een steen


Gedicht voor opa

9:52, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link

Jong en oud tegelijk
Zoiets ben jij

Een warme aanwezigheid
Dat ben jij


Zo bijzonder zo zeldzaam
Dat ben jij


Met veel liefde alles gegeven
een heel lang leven



Gedicht

9:47, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link

Jouw ogen zijn zo helder,

zo helder als de zon,

Ik zo er lang naar kijken als het kon,

Jij zit daar vast in de kelder,

Kon ik je maar helpen,

Ik zit hier doodgewoon tussen de schelpen,

Kon ik je maar een seintje sturen,

Want wij zitten nu allebei maar wat te turen



Stijn deel 6, Fiolastraat nummer 15

9:42, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Het is weekend, zaterdagochtend tien uur.

De telefoon rinkelt, en Stijn neemt hem op. Het is Noa.

We gaan vanmiddag naar het openhuis van Fiolastraat nummer 15, zegt Noa,

Mijn ouders willen er wel graag wonen we zijn daar om half één, zie ik je dan?

Ja is goed, zegt Stijn, hij hangt weer op.

Mam, ik ga om half één naar de Fiolastraat Noa is er dan ook ze gaan dan kijken naar open huis.

Oké is goed, zegt Koos, maar waarom ga je niet even buiten voetballen met Gijs.

Je speelt ook bijna nooit meer met hem, waarom niet.

Hij vind Noa stom, omdat die nu bij een groepje hoort met jongens die denken dat ze stoer en die jongens zijn allemaal tegen nieuwelingen.

Ik dacht altijd dat Gijs juist tegen stoere jongens was, zegt Koos, maar ja.

O ja en mam, zegt Stijn, hoelang duurt het nog voordat papa terug naar huis komt.

Hij mag niet volgende week maar de week daarna terug.

Oké, zegt Stijn, maar gaat die dan wat anders doen dan stelen bij rijke?

Ik denk het wel, zegt Koos, dit is al de tweede keer dat die vastzit en altijd de derde keer word het veel harder aangepakt dan de keren daarvoor.

Maar als je het wil vragen over een kwartiertje is het bezoekuur, van mij mag je wel even langs gaan om dat te vragen. En neem Loes maar mee.

Ik ga morgen wel even langs, zegt Stijn, ik heb nu niet zo zin om tussen al die dronken mannen te lopen. Dan niet, zegt Koos.

Om half Eén loopt Stijn naar de Fiolastraat.

Hij ziet Noa en Robin voor de deur staan.

Hij rent naar ze toe, een mevrouw met een vriendelijk gezicht doet open.

Komen jullie voor het openhuis?, vraagt ze.

Ja, zegt de vader van Noa, mogen we binnen komen.

Natuurlijk, zegt de mevrouw, kijk maar is rond.

Stijn loopt een grote kamer in er is een heel groot raam waardoor je de tuin ziet.

De muren van de kamer zijn wit en de vloer is houtbruin.

De hele middag kijken ze in het huis rond, praten met de mensen en denken goed na of ze het wel willen. Maar als het half vier is hebben de ouders van Noa besloten om het huis te kopen.

Ze gaan over twee weken verhuizen.

Als de ouders van Noa aan het praten zijn met de eigenaren van het huis,

Loopt Robin naar Stijn toe.

Bedankt vor het uitsoeke  van de oto, zegt die tegen Stijn.

Vind je hem leuk?, vraagt Stijn.

Ja heeel euk, zegt Robin

Stijn deel 5, de nieuwe prijs

9:41, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Na school gaan Noa, Stijn, Koos en de ouders van Noa naar de bank.

Omdat we door jou zoveel geld krijgen, mag jij best die prijs van 100.000,

Zegt de moeder van Noa.

Dank je wel, zegt Stijn,

Stijn is blij, hij heeft met die twee loten 100.000 verdient en de familie van Noa blij gemaakt.

Als ze bij de bank komen, is de mevrouw er ook al.

Samen zetten ze het geld van de loterij op de rekening.

Die van 897.000 op die van de ouders van Noa.

En die van 100.000 op de spaarrekening van Stijn.

Mama, vraagt Noa, kunnen we in de Fiolastraat wonen dat zijn volgens Stijn hele mooie huizen met een grote tuin en dan kunnen we ze gelijk afbetalen.

We kunnen er zo even langs lopen, zegt Noa’s moeder.

Maar eerst ga ik pinnen dan kunnen we wat dingen kopen en vanavond is een fatsoenlijke maaltijd eten gewoon gezellig thuis.

Noa is best opgewonden ze kan nu is een keer leuke dingen uitzoeken die ze gewoon mag hebben.

Noa’s vader loopt naar Noa, we kunnen nu ook de operatie van Oma betalen.

JEY, Noa is blij, ze is erg gehecht met haar oma, en als haar oma niet geopereerd word gaat ze dood.

Stijn en Koos blijven nog bij Noa en haar ouders.

Ze zijn wel nieuwsgierig naar wat ze allemaal gaan kopen.

De moeder van Noa gaat naar de supermarkt,

Koos gaat mee om te zeggen wat makkelijk is om te koken maar erg lekker is.

Noa’s vader, Bart gaat naar de huizenmakelaar.

En Noa en Stijn gaan naar de speelgoedwinkel.

Als ze allemaal klaar zijn hebben ze afgesproken in de kledingwinkel om kleren te kopen.

Wat voor speelgoed zou ik kopen?, zegt Noa, ik heb honderd euro om te kopen.

Playmobil, zegt Stijn, daar kan je broertje ook mee spelen.

En voor honderd euro kan je een klein straatje maken.

Maar waar is Robin eigenlijk?

Bij de buurvrouw, zegt Noa, de buurvrouw is onze tante.

Zij wilde wel eens een keer op Robin passen.

O, zegt Stijn, moet ik je wijzen waar de playmobil staat?

Ze lopen naar de playmobil toe.

Dit is mooi, Noa pakt een villa,Nu met 25 procent korting staat erop.

Eerst koste die  60 euro maar nu nog maar 45.

Die kan je betalen, zegt Stijn, en dan kan je er nog dingen bij die samen 55 zijn.

De school is leuk!, Noa wijst naar de school, die kost 20 euro die neem ik dan ook.

Even denken dan kan ik nog dingen die samen 35 zijn.

Je kan de auto en de speeltuin, zegt Stijn, die zijn samen ook 35.

Is goed, Noa stapelt alle playmobil op die ze wil.

Ze draagt vier grote dozen naar de kassa.

Ze legt er het briefje van 100 euro op.

Cadeautje?, vraagt de meneer achter de kassa.

Ja, zegt Stijn voordat Noa iets kan zeggen.

Maar alleen die auto. Als de meneer het inpakt zegt Stijn tegen Noa:
Dan kan je de auto aan Robin geven.

O ja, zegt Noa, goed idee, was ik vergeten.

Als de auto is ingepakt, zegt de man, even een grote zak zoeken hoor.

Doe het maar in twee zakken, zegt Noa, dan hoeft u niet te zoeken.

Oke, de meneer doet de playmobil in de zakken en doet het bonnetje erbij.

Met twee zakken in haar handen loopt Noa naar de kledingzaak met Stijn.

Haar ouders zijn er ook al.

Noa’s vader heeft een informatieboekje over de fiolastraat,

En Noa’s moeder een zak vol eten.

Noa zelf laat zien wat zij allemaal heeft gekocht.

Daarna gaan ze kleren zoeken.

wat vind je van deze spijkerbroek  Noa, zegt Stijn, en dezejurk

Ja mooi, zegt Noa, geef ze maar. Noa pakt de jurk en de broek.

En deze schoenen zijn ook mooi, Noa wijst naar groen met rood en zwarte gympen.

Stijn kijkt naar de prijs ze zijn niet duur.

De moeder van Stijn loopt naar Stijn toe.

Stijn we moeten gaan, Loes en Joyce komen zo thuis en dan kunnen ze het huis niet in.

Oke, ik ga wel mee naar huis. Doei Noa tot morgen!,

Stijn gaat met Koos mee naar huis.

Als ze thuis komen, gaat Koos meteen koken.

Stijn gaat achter de computer een spelletje spelen.

De voordeur gaat open. Loes en Joyce komen binnen lopen

Stijn deel 4, na school

9:40, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
De volgende ochtend zit Stijn aan tafel te ontbijten met Joyce, Loes en zijn moeder.

Mam, zegt Stijn, ik ga zo naar Noa toe we gaan samen naar school.

Is goed, zegt Stijns moeder.

Koos, zegt Loes, die haar moeder gewoon altijd naar de naam noemt,

Mag ik een nieuwe jurk voor het kinderfeestje van Mara.

NEE, zegt Koos, je hebt er al genoeg, je kan niet bij elk feestje een nieuwe krijgen.

Stijn moet lachen, hij weet dat Loes een nieuwe jurk wil om eindelijk is indruk te maken op de jongens. Wat Stijn weet dat zijn zus nog al buiten het populaire groepje hangt.

Nou ja, zegt Stijn, ik ga mijn tanden poetsen.

Als die even later weer naar beneden komt is het tien over acht.

Ik ga naar Noa, Stijn pakt zijn fiets en fietst naar het huis van Noa.

Als die daar aan komt staat Noa al klaar.

Hij ziet dat ze de oude fiets van Loes gebruikt.

Heb je geen andere fiets?, vraagt Stijn, die is erg oud.

Ik koop vanmiddag als we het geld hebben wel een nieuwe, zegt Noa.

Ze fietsen richting school.

Mooie rugzak heb je, zegt Noa tegen Stijn.

Dank je, zegt Stijn, ik heb hem net nieuw.

Wat voor rugzak wil jij?,want met een plastic zakje word je op school uitgelachen.

Als ik vanmiddag toch in het winkelcentrum ben kijk ik wel wat voor rugzakken ze allemaal hebben.

Hebben jullie het ook al gehad over een nieuw huis?, vraagt Stijn.

Mijn ouders zeggen dat we rustig aan moeten doen, en dat als er een leuk huis hier in het dorp kunt we wel kunnen kijken of het echt mooi is.

Hoe duur zijn de huizen in de monicanesstraat?

430.000, zegt Stijn, eigenlijk zou mijn moeder dat ook niet kunnen betalen maar ze krijgt geld van de gemeente omdat ze in haar eentje voor drie kinderen moet zorgen.

Maar de huizen in de fiolastraat vind ik mooi ze zijn redelijk groot en ze hebben een grote tuin met veel uitzicht op het park.

Zijn die daar dan te koop, vraagt Noa.

Ja, antwoord Stijn dit weekend is het openhuis.

Ik zou wel aan mijn ouders vragen of ze het wel vinden, maar kom we moeten naar school.

Noa en Stijn komen op school aan.

Als ze de klas inlopen kijkt iedereen Noa aan.

Stijn loopt naar de juf, Annick, zegt die, Noa’s ouders zijn niet meer arm ze hebben met de loterij een hoge geldprijs gewonnen waardoor ze zelfs een villa kunnen afbetalen.

Dat is fijn, zegt Annick, maar Noa die zit nu naast jou.

Fátima zit nu in de hoek. Oké we gaan beginnen, roept Annick door de klas.

Iedereen gaat zitten. Annick geeft alle werkboekjes aan Noa die ze nodig heeft.

En stelt Noa zich voor, daarna gaan ze beginnen.

In de pauze laat Stijn het schoolplein nog is uitgebreid aan Noa zien.

Gijs komt naar Stijn toelopen.

Ga je mee voetballen?, vraagt die.

Zo meteen, zegt Stijn, eerst laat ik het schoolplein aan Noa zien.

Er komen twee meisjes naar Noa toelopen.

Kom je met ons mee spelen, Noa, vraagt Karin een van de meisjes.

 

Is goed, zegt Noa, Stijn, dan kan jij gaan voetballen.

Oké, zegt Stijn en loopt naar het voetbalveld toe.



Stijn deel 3, eten

9:39, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Ze eten kip, eieren, en wortels.

Je kunt wel zien dat Noa en haar boertje Robin honger hebben.

Ook de ouders van Noa zijn blij dat ze een keer goed kunnen eten.

En nog is bij behulpzame mensen, waardoor het ook niks kost.

Tijdens het eten praten ze ook over de loten die Stijn heeft gekocht.

Maar ook praten ze over hoe ze het huis van Noa’s ouders kunnen opknappen.

Het is ook een klein vervallen oud huisje.

Als iedereen klaar is gaan de kinderen buiten spelen.

Gaan ze buiten spelen.

Het is nog licht, ook al is het al avond.

Robin het broertje van Noa, en Joyce het zusje van Stijn kunnen nog maar net lopen.

Opeens moet Stijn naar de wc, hij rent naar binnen.

Binnen ziet hij zijn moeder die aan het bellen is.

Zijn moeder wenkt hem, Stijn loopt naar haar toe.

Even later hangt ze weer op.

Het was de mevrouw van de lotenwinkel ze komt straks twee briefen brengen want bij allebei de loten heb je een hoge geldprijs gewonnen.

De ouders van Noa en Robin hebben het gehoord.

Ze lopen naar Stijns moeder, weet je al hoe veel?

Eentje 100.000 de ander heeft ze niet gezegd ze zij dat die wel heel hoog was.

Ze komt zo om het geld over te maken naar onze pasjes.

Dan moeten we misschien even met haar naar de bank toe.

Stijn vergeet dat die naar de wc moest en rent opgewonden naar buiten.

Noa ik heb voor je ouders twee prijzen gewonnen eentje van 100.000 en een andere hoge geldprijs maar ik weet niet precies hoeveel.

Kom naar binnen er komt zo een mevrouw.

Als ze allemaal binnen zijn belt er een mevrouw aan.

Ze vraagt of ze morgen om vier uur naar de bank kunnen komen.

Dan ben ik er ook, zegt ze, en dan kunnen we het overmaken.

Ik had niet met de enveloppen kunnen komen.

Omdat de winkel al dicht was, en eigenlijk pas overmorgen bekent zou worden wat de winnende loten waren.

Maar omdat ze een nieuwe loterij wilde  beginnen hebben ze het net al bekent gemaakt.

O ja en behalve die prijs van 100.000 hebben jullie ook een prijs van 897.000 gewonnen.

Als de mevrouw, klaar is met haar zin, gaat ze gelijk weer weg.

Morgen samen naar school fietsen Stijn?, vraagt Noa.

Is goed, ik kom wel naar jou toe.

evenn later zitten Noa, Stijn, het broertje van Noa, het zusje van Stijn, de zus van Stijn en hun ouders gezellig met z’n allen aan tafel.

 



Stijn deel 2, Noa

9:38, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Even later heeft Stijn thuis wat gedronken en de loten aan zijn moeder gegeven.

Hij is op weg naar de klevonstraat nummer 11.

De klevonstraat is twee straten verder dan de monicanesstraat  waar Stijn woont.

Daar is nummer 11, denkt Stijn, hij loopt erheen.

Het is inderdaad een heel klein huisje,  Stijn belt aan.

Een mevrouw doet open, hallo, wie ben jij?

Ik ben Stijn, Noa die komt morgen bij mij in de klas.

Maar ik wil Noa graag zien, en ik wil jullie helpen aan geld te komen.

Dat is heel aardig van je, zegt de mevrouw, ik zou je heel dankbaar zijn als je het lukt.

Maar zal ik Noa even roepen.

Stijn knikt. Noa iemand voor jou!, roept de mevrouw.

Er komt een klein meisje aanlopen maar niet veel kleiner dan Stijn.

Ze heeft oranje bruine haren en draagt goedkope en koude kleren.

Hallo, zegt Stijn, ik zit bij jou in de klas wil je met me spelen.

Noa knikt verlegen. Ze doet haar jas aan en loopt met Stijn naar buiten.

Wil je mijn huis is zien?, vraagt Stijn, mijn zus is tien zij heeft veel speelgoed voor een kind van zeven waar ze niks meer mee doet, misschien mag jij het wel hebben.

Dat  zou leuk zijn, zegt Noa, waar woon jij?

In de monicanesstraat, twee straten verder dan hier.

Vijf minuten later komen ze bij het huis van Stijn.

Ze hebben intussen al bij gekletst.

Stijn belt aan, zijn moeder doet open, kijk mam dit is Noa , zegt Stijn.

Hallo, zegt de moeder van Stijn kom binnen.

Mag Noa misschien wat speelgoed van Loes hebben waar Loes niet meer mee speelt?,

Vraagt Stijn, ze heeft maar heel weinig speelgoed.

Van mij mag het, maar je moet het ook even aan Loes vragen.

Ga je mee naar boven?, vraagt Stijn aan Noa, ik denk dat Loes daar ook is.

Stijn loopt de kamer van Loes in.

Loes kijkt  naar Stijn, wat is er? Mag Noa jou speelgoed hebben waar je niks meer mee doet?

Is goed, zegt Loes, het staat op zolder in de dozen.

Stijn en Noa lopen naar de zolder daar staan twee dozen vol met speelgoed.

Wil je die hebben?, vraagt Stijn. Graag.

Als je zo naar huis gaat kunnen we ze wel pakken.

Zullen we even kijken wat er allemaal in zit?, vraagt Noa.

Is goed, Stijn maakt de dozen open zodat je alles goed kan zien.

Er ligt zelfs een oude gameboy bij en een paar spelletjes.

Mag ik die echt hebben?, vraagt Noa.

Wij doen er niks meer mee ,zegt Stijn, dus waarom niet.

Er liggen nog veel meer dingen bij waar je nog veel  mee kan.

Stijn vind zelfs nog een paar dingen die van hem waren toen die klein was.

Zoals een speelgoedtreintje een hijskraan en een pingpongset.

Maar ook een spelletje waarbij je paardenhoeven om een ring moet gooien.

Dat mag je ook hebben en die trein en die hijskraan kan je aan je broertje geven.

 

 

 

Hoe weet je dat ik een broertje heb?,vraagt Noa, en hoe wist je eigenlijk waar ik woonde?

Had ik aan de juf gevraagd, zegt Stijn, ik wou je ouders helpen om aan meer geld te komen.

Ik heb van mijn zagkgeld ook twee loten voor de loterij gekocht.

En de prijzen mogen jou ouders hebben, tenminste als ik iets win.

Wat aardig van je, zegt Noa, maar waarom doe je dit allemaal?

Mijn vader is eigenlijk een soort crimineel, hij steelt van de rijke en geeft dat aan de arme.

Hij wilt dat de wereld daardoor wat eerlijker word.

Maar de laatste keer is die opgepakt door de politie hij zit nu al twee maanden in de gevangenis hij mag er over een maand weer uit.

Ik werd ook welles gepest om wat mijn vader deed.

Maar ik wil laten zien dat ik helemaal geen slechte vader heb.

En omdat te bewijzen doe ik hetzelfde als mijn vader maar dan steel ik niet.

Als mijn vader dan terug naar huis komt zou die heel trots op me zijn.

Noa kijkt verbaasd naar Stijn,  ze ziet dat die tranen in zijn ogen krijgt.

Ik werd op mijn oude school ook altijd gepest om mijn ouders, zegt Noa,

Alleen maar omdat ze geen goede baan kunnen vinden en daardoor maar weinig geld hebben.

Ze hebben nu wel een baan maar daar verdienen ze niet zo veel mee.

Waar werken ze dan?, vraagt Stijn.

Bij de gemeente doen ze heel veel klusjes bijna de hele dag door.

Ik heb wel een idee, zegt Stijn mijnmoeder die kent  de burgemeester goed,  misschien kan zij ervoor zorgen dat jou ouders meer geld krijgen.

Zou fijn zijn, zegt Noa dankbaar. Maar hoe laat is het eigenlijk?

Stijn kijkt op zijn horloge half vijf, hoe laat moet jij altijd eten?

Ik weet niet eens of ik vanavond eten krijg, zegt Noa.

Zullen we vragen of je bij mij mag eten met je vader, moeder en broertje?, vraagt Stijn.

Is goed, zegt Noa, ze gaan naar beneden.

Als ze beneden komen loopt het zusje van Stijn wankelend door de woonkamer.

Stijn loopt naar zijn moeder toe die in de woonkamer een tijdschrift leest.

Wat is er?

Mag Noa met haar ouders en broertje bij ons komen eten?

Want anders krijgen Noa en haar broertje vandaag geen avondeten.

Van mij mag het, ik fiets wel even langs het huis van Noa dan kan ik gelijk eten kopen ik ben vandaag wat later met koken.

Waar woon jij Noa?

Klevonstraat 11 , zegt Noa.

Nou van mij mag het, zegt Stijns moeder, ik fiets wel even langs het huis van Noa.

Zolang ik weg blijf moet Noa maar even hier blijven.

Als de moeder van Stijn weg is word er aangebeld.

Stijn doet open, het is Gijs, Gijs is de beste vriend van Stijn en hij woont tegenover Stijn.

Kom je buiten spelen?, er zijn nog meer kinderen.

Als Noa ook mee mag doen, zegt Stijn.

Is Noa dat nieuwe meisje, vraagt Gijs, die morgen bij ons in de klas komt?

Ja, dat ben ik, Noa loopt naar de deur.

Oké ze mag meedoen, zegt Gijs.

Stijn en Noa lopen naar buiten.

Buiten zijn alle andere kinderen die in de monicanesstraat wonen

Stijn deel 1, het nieuwe meisje

9:34, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Jullie mogen over een half uurtje naar huis zegt juf Annick, maar het laatste half uur gaan we iets knutselen voor het nieuwe meisje Noa.

Maar jullie moeten Noa niet pesten Noa is een beetje verlegen,

En haar ouders hebben niet veel geld.

Jullie krijgen straks allemaal een blaadje waarop jullie iets over jezelf schrijft,

En een mooie tekening voor Noa en daar maken we dan een boekje van.

Stijn zou het meisje wel graag willen ontmoeten.

Hij pakt zijn potlood en bedenkt al wat.

De juf geeft hem een blaadje. Stijn denkt na.

Hij tekent een meisje met een denkwolkje, in het wolkje staat een groot huis van de achterkant

En in de tuin staat een speelhuisje met een klein zwembad.

Daarboven schrijft die wat over zich zelf.

En maakt daar twee tekeningetjes bij.

 

Ik ben dol op spelen en honden en andere dieren.

Ik heb blauwe ogen en donker haar.

Ik heb een zus Loes en een hond Waffel.

En mijn lievelingskleuren zijn zwart, blauw en geel.

Mijn favoriete sport is voetbal en tennis.

 

Na twintig minuten steekt Stijn zijn vinger op.

Annick loopt naar hem toe, ben je klaar?, hij is erg mooi hoor.

Stijn knikt, mag ik nog wat over Noa weten?

Ik wil die ouders helpen met geld verdienen.

Dat is aardig van je ,zegt Annick, ik pak wel even de brief van Noa’s moeder.

Annick loopt naar haar bureau en pakt een met hand geschreven brief.

Ze leest hem voor, Stijn luistert goed.

Noa is zeven jaar, en is jarig op 25 augustus. Ze heeft een broertje Robin.

Helaas hebben ik en mijn man niet veel geld.

Noa is ook vaak ziek en moet ook welles zonder eten naar bed.

We komen uit de stad maar daar werd het te duur.

Nu wonen we in het kleinste huisje van het dorp in de klevonstraat nummer 11.

Groeten de moeder van Noa staltee.

Stijn denkt na en zegt:

Ik kan mijn zakgeld wel geven maar dat helpt ook niet veel.

Slaap er maar een nachtje over, zegt Annick, en misschien  als je Noa morgen ziet heb je een heel goed idee om te helpen.

Doe de laatste zeven minuten maar wat leuks voor jezelf.

Stijn pakt een briefje en schrijft dingen op die hij kan doen om Noa te helpen.

1.Dingen verzamelen waar mensen niks meer mee doen, en die geven.

2. Zelf speelgoed geven

3.Geld verzamelen, of winnen.

Ja dat is een goed idee, denkt Stijn, binnenkort is er een loterij, 1,50 per lot.

Ik heb nog twee euro in mijn spaarpot en ik kan alvast mijn zakgeld voor deze week vragen.

Dan heb ik drie euro en dan kan ik twee loten kopen.

Om kwart over drie loopt de hele klas het lokaal uit. Stijn doet zijn jas aan en pakt zijn jas,

Hij rent het schoolplein op en zoekt zijn moeder op.

Zijn moeder staat tussen andere moeders die ook op hun kinderen wachten.

Ga je nog met iemand spelen?, vraagt zijn moeder.

Nee, zegt Stijn, morgen krijgen we een nieuw meisje in de klas.

Haar ouders hebben niet veel geld en ik wil helpen om geld te krijgen.

En ik heb al een idee maar daarvoor heb ik wel mijn zakgeld voor deze week nodig.

Maar ik weet niet of jij het goed vind.

Nou, zegt zijn moeder, als je er andere mensen mee gaat helpen vind ik het goed

Maar wat ga je er dan mee doen?

Twee loten kopen, het is dan jammer als ik niks win maar dan heb ik mijn best gedaan.

Vooruit voor deze keer dan, zegt zijn moeder, als je niks wint is het niet mijn schuld.

Ik geef je nu wel drie euro dan kan je al loten kopen.

Geef jij mijn thuis dan de twee euro die je in je spaarpot hebt zitten?

Is goed als ik de loten heb gekocht loop ik wel naar huis om wat te drinken.

En daarna ga ik Noa zoeken, want ik weet waar ze woont.

Stijn pakt de drie euro van zijn moeder, geeft zijn tas aan haar en rent naar het winkelcentrum.

In het winkelcentrum is een klein winkeltje waar je alleen maar loten kunt kopen.

Stijn loopt naar binnen.

De mevrouw achter de kassa vraagt wil je hier even het telefoonnummer van een van je ouders invullen want anders kan je geen loten kopen.

Stijn vult het nummer van zijn moeder in.

De mevrouw belt zijn moeder op, Stijn snapt er niks meer van.

Hij wacht, dan zegt de mevrouw u zoontje is hier bij de lotenwinkel mag hij van jou loten kopen.

Gelukkig hoort Stijn zijn moeder ja zeggen.

Oké dan is het goed, de mevrouw hangt weer op.

Hoe veel wil je er? Per lot 1,50

Twee, Stijn geeft drie euro aan de mevrouw.

De mevrouw geeft twee loten aan Stijn, veel succes.

Maar het telefoonnummer van je moeder houden we hier,

Want als je iets gewonnen hebt kunnen we je bereiken.

 Stijn pakt de kaartjes en bewaard ze in een binnen vakje van zijn jas waar ze niet uit kunnen vallen.



kleuterverhaal

9:34, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
 Tommy en Noortje gaan logeren

Wilde Tommy

De volgende dag word Noortje wakker door een kraaiende haan.

Ze kijkt in de kamer rond, aan de andere kant van de kamer ziet ze Tommy liggen.

De haan kraait nog een keer, Tommy schrikt wakker en rent bang met zijn ogen half open door de kamer. Waar is de haai, o nee waar is de haan?

Noortje moet lachen, het is toch nep dat weet ze.

Stil!, zegt Noortje, je maakt opa en oma wakker.  Nee hoor, oma komt de kamer binnen lopen,

Jullie hebben heel lang geslapen zelfs door het gekraai heen hij is nu al opgehouden.

Nou, zegt Tommy, leuke wekker hebben jullie maar niet heus.

Voor ons maakt het niks uit, zegt oma, opa moet toch altijd vroeg op om de dieren te voeren.

Mogen we vandaag in het dorpje steppen?, vraagt Noortje, kunnen we kijken of er leuke kindjes zijn waar we mee kunnen spelen.

Eerst ontbijten daarna nog even helpen maar dan mogen jullie wel gaan.

Jippie, Tommy rent de kamer uit en Noortje rent achter hem aan.

Als ze beneden komen zit opa al aan tafel, de tafel is al gedekt.

Moeten wij de tafel niet dekken?, vraagt Noortje, dat moet thuis ook altijd.

Maar hier niet, zegt oma, hier doe ik het. Hoeven wij het tenminste niet te doen, zegt Tommy.

Wat wil je?, vraagt oma, we hebben alles. Ook een broodje poep?, Tommy moet lachen.

Als je die wil kan ik er wel eentje maken maar dan is het wel dierenpoep, zegt opa.

Tommy en Noortje moet lachen, Nee dat hoef ik niet.

Willen jullie een broodje met onze eigen kaas en boter?, vraagt oma.

Ja, zegt Noortje. Is goed, zegt Tommy.

Oma maakt de broodjes. Waar liggen de steppen?,  ze willen als ze geholpen hebben steppen in het dorp, om kinderen te zoeken om mee te spelen.

In de schuur, zegt opa, maar kijken jullie wel uit?

Ja, maar met wat moeten we allemaal helpen.

Noortje geeft de bloemen bij de schapen water,

En Tommy geeft de schapen eten en drinken en kijkt of het goed gaat met het lammetje.

Als ze ieder twee broodjes op hebben en een glas melk rennen Noortje en Tommy snel naar boven om hun boerderijkleertjes aan te doen.

Even later loopt Tommy met zakken voer rond en Noortje met een gietertje.

Ze vinden werken op de boerderij leuk en vooral als ze soms in de stapel met hooi mogen rollen of spelen in de modderplassen.

Als Noortje klaar is gaat ze kijken waar Tommy blijft.

Hij is aan het spelen met het lammetje. Ik ook!, roept Noortje.

Ze aait het lammetje van een paar weekjes uit opa heeft het stoempie genoemd.

Toen Noortje en Tommy de naam twee weken geleden hoorde moesten ze heel hard lachen.

Jullie hebben genoeg gedaan, zegt oma, pak de steppen maar jullie mogen naar het dorp.

Jippie!, Noortje en Tommy rennen naar de schuur en pakken de steppen.

Noortje heeft een paarse en Tommy een groene omdat iedereen al een roze of een blauwe had.

Ze rijden de boerderij uit de stoep op.

Opa en oma wonen in een klein dorpje dat loonsde heet er wonen maar weinig mensen maar wel heel veel kinderen en er is ook een mooi winkelcentrum.

Weet jij de weg nog?, vraagt Tommy aan Noortje.

Ja, zegt Noortje, een beetje, waar wil je heen?

Naar het speeltuintje!, roept Tommy, de hele grote.

Niet te hard, zegt Noortje misschien slapen er nog wel mensen.

De pestende kinderen

 

Even later komen Tommy en Noortje bij de speeltuin.

Er spelen ongeveer zeven kinderen.

Kijk daar, kijk daar!, roept Noortje, ze rent naar twee huilende kindjes die in een hoekje van de speeltuin zitten, voor hun staan kinderen die iets ouder zijn dan Tommy en Noortje.

Ze slaan ze en schoppen ze, en schelden ze uit voor baby’s.

Tommy ziet het nu ook en rent er op af, wat doen jullie?

Pesten!, zegt een meisje en probeert Tommy op de grond te duwen.

Hou op!, roept Tommy boos hij krijgt ruzie met de twee kinderen.

Ondertussen haalt Noortje de huilende kinderen bij ze weg.

Ze verstoppen zicht achter een heuveltje.

Hoe oud zijn jullie?, vraagt Noortje. Vier, zegt een jongetje snikkend.

Ik ook, zegt Noortje, en dat jongetje is net vijf.

Willen jullie met ons mee naar de boerderij, daar vinden ze jullie nooit.

Of moeten jullie misschien naar huis?

Nog lang niet, zegt het meisje, onze ouders moeten de hele dag werken en wij zijn alleen.

Kom maar mee met mij Tommy zou zo wel komen.

Maar ik moet wel even zij  step mee nemen, jullie mogen wel even steppen.

Weten jullie waar de boerderij is? De kindjes knikken, en pakken ieder een step.

Step er maar alvast heen en wacht daar even voor de deur, ik kom er zo aan.

De twee kindjes steppen zo snel mogelijk weg en Noortje rent naar Tommy.

Kom nou maar Tommy, roept ze, laat die kinderen maar.

Tommy wil naar de steppen lopen maar hij ziet ze niet liggen.

Noortje fluistert in zijn oor wat ze heeft gedaan, maar nu: RENNEN!

Noortje en Tommy rennen naar de boerderij gelukkig is het niet te lang en hebben ze nog wat energie.

Als ze bij de boerderij aankomen wachten de twee kindjes al op hun.

Kom maar snel naar binnen, Noortje belt aan, opa doet snel open.

Alle vier glippen ze naar binnen en Tommy gooit de deur achter zich dicht.

Wat is hier aan de hand?, vraagt opa, en zet wel zo meteen de steppen in de schuur.

Ja, is goed, zegt Noortje, maar dit zijn twee kindjes ze werden gepest door twee oudere kinderen.

Ja, zegt Tommy, en toen kreeg ik ruzie en ondertussen heeft Noortje ze hierheen gebracht.

Hoe zagen de kinderen eruit?, vraagt opa, want in dit dorp wonen twee lastige kinderen gelukkig gaan die morgen verhuizen.

Het meisje had opgestoken haar en de jongen een hanenkam, zegt Tommy.

Dat zijn zij ja, zegt opa, kom maar naar de keuken dan krijgen jullie allemaal wat te drinken.

Binnen zit oma de krant te lezen, nu al terug?

Ja, zegt Tommy, twee kinderen waren aan het pesten.

De kinderen bleken dieven als ouders te hebben en moesten dus naar iemand anders toe, om wel goed opgevoed te worden.



Afmaakverhaal 4, Rosalie

9:31, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Ik heb nog wat voor jullie, zegt meester Dave, het is een briefje over stichting kinder plezier.

Zij helpen kinderen die verdrietig zijn, een probleem hebben of niet lekker in hun vel zitten.

Niels deel jij ze even uit ondertussen lees ik hem wel voor.

 

Heb je een probleem, word je gepest, heb je ruzie, of zit je gewoon niet lekker in je vel?

Geef je dan nu op bij stichting kinder plezier vul dit briefje in en geef het aan je juf/meester.

Met alle kinderen die zich opgegeven hebben gaan we soms tussen school maar meestal na school allemaal dingen met elkaar doen en praten over problemen.

Ook krijg je hier persoonlijke begeleiding over je toekomst en andere dingen.

Een keer per maand organiseren we een sporttoernooi met z’n allen.

Dus zit je niet lekker in je vel vul het formulier hier onder in knip het uit en lever het in.

 

Dave stopt met lezen, als je mee wilt doen kan je tot vrijdag deze week bij mij het formulier inleveren en vragen kan nu maar ook nog na school als je niet wilt dat andere weten wat je vraagt.

Rosalie denkt na, is dat niet iets voor haar? Ze word wel gepest, om haar rare vader.

Thomas steekt zijn vinger op, Dave kost het geld?

Nee, zegt Dave, dat betaald de gemeente want zij willen ook dat er vrolijke kinderen rondlopen.

Ga je,  je dan opgeven?, vraagt Bas de pestkop, dat is voor watjes.

Blijf jij om kwart over drie maar even de klas schoonmaken, zegt Dave.

Bas kijkt boos naar de meester, als u het zegt professor , zegt die met een piepstem.

Dave doet net of die het niet hoort, o het is al kwart over drie, jullie mogen naar huis behalve meneertje brutale mond want die mag de schoonmaakster gaan helpen.

De kinderen stormen de klas uit behalve Bas en Rosalie.

Begin maar, zegt Dave, ik ga even naar Rosalie. Hij loopt naar Rosalie.

Wat is er?, moest je nog wat vragen, of is het iets met kinder plezier?

Rosalie knikt en zegt ik wil me opgeven maar ik weet niet wat de tijden zijn.                              

Wacht even hoor, Dave loopt naar zijn bureau pakt een briefje en geeft dat aan Rosalie, hier dit is het progamma. Vind je het leuk?

Ja, zegt Rosalie, mag ik het meenemen dan kan ik het aan mijn moeder laten zien en vragen of ik me mag opgeven. “ja hoor” Oké, tot morgen, Rosalie loopt de klas uit en kijkt naar bas die de klas aan het schoonmaken is.  Misschien iets voor hem, denkt ze, daarom doet die dus zo flauw van binnen is die gewoon heel bang en verdrietig.

Ze pakt haar tas en loopt naar buiten, haar moeder staat op het schoolplein.

Hey , was het leuk?, vraagt haar moeder,heb je ook zo een brief van een stichting?

Ja, zegt Rosalie, hoe weet je daarvan.

O, Thomas kwam er ook al mee aanlopen, zijn moeder vond het wel goed.

Mocht het van zijn moeder?, vraagt Rosalie.

Ja, zijn moeder werkt zo hard sinds zijn vader dood is ze heeft bijna geen tijd voor thomas.

En jij?, wil jij de opgeven misschien kunnen ze je dan helpen met je problemen met Rob.

Rob is de vader van Rosalie haar ouders zijn gescheiden Rob die slaat Rosalie en laat haar thuis alle klusjes doen want verder is die alleen maar bezig met zijn nieuwe vriendin die ook niet echt van Rosalie houd.

Dat was ik ook van plan, zegt Rosalie, en ik heb ook een briefje met de tijden maar die zit nog in mijn tas net zo als het inschrijfformulier.

Daar kijken we zo wel na eerst even naar huis, zegt de moeder van Rosalie.

Oké, Rosalie fietst met haar moeder naar huis.

Thuis is opa Gert-jan met Lucas aan het spelen.

Opa, Rosalie duikt op haar opa af en geeft hem een kus.

Waarom ben je hier?, vraagt ze.

Ik wil niet meer zo eenzaam in een groot huis wonen nu oma dood is dus kom ik bij jullie.

Hij slaapt op zolder, zegt de moeder van Rosalie, en hij krijgt daar zijn eigen woonkamertje.

Ikke met opa spelen, zegt Lucas, jij niet!

Ik ook, zegt Rosalie. Nee!, roept Lucas boos.

Rustig maar Lucas is drie, daar ga je niet tegen op, zegt de moeder van Rosalie.

Sorry, zegt Rosalie, maar zullen we nu naar die brieven gaan kijken mam?

Is goed. Rosalie pakt haar tas en kijkt met haar moeder naar de brieven.

Kan ik op die tijden daar heen?, en op zaterdag hoeft het maar een keer per maand.

Dan kan je wel, zegt Anna de moeder van Rosalie, vul het formulier maar in.

Oké, Rosalie pakt een pen en begint te schrijven.

Er staan veel vragen in zoals:

Waarom geef je, je op?

Word je thuis goed behandelt?

Anna kijkt mee of Rosalie kloppende dingen invult.

Er gaat wel een vraag over haar, maar die vult Rosalie eerlijk in.

Even later heeft Rosalie het formulier ingevuld.

Mam, kan jij het ergens goed bewaren dan neem ik het morgen mee naar school.

Ja hoor, zegt Anna, ga jij maar iets leuks doen.

Rosalie gaat naar buiten, er wonen veel kinderen bij haar in de straat.

Ook thomas een goede vriend van Rosalie, en Milou de beste vriendin van haar.

Thomas en Milou worden ook gepest.

Milou omdat ze zo klein en slim is en een brilletje heeft.

En thomas omdat die makkelijk te verslaan is want hij is heel erg kwetsbaar.

Ze kennen elkaar al voordat ze naar de peuterspeelzaal gingen. Dus al meer dan zeven jaar.

Rosalie ziet buiten niemand, dan belt ze maar bij Milou aan.

Voordat ze aanbelt doet Milou al open, Hallo, zegt ze, ik kom wel buiten spelen.

Rosalie vind Milou wel handig je hoeft nog niks te zeggen en ze weet al wat er aan de hand is.

Ga jij je opgeven?, vraagt Rosalie, ik wel en thomas volgens mij ook.

Ik ook, zegt Milou, eigenlijk vind ik het ook wat voor bas maar hij zou het niet durven dan voelt hij zich een “watje”.

Ja, daar dacht ik ook al aan, ze loopt naar het huis van Thomas en belt aan.

Thomas doet open. Kom je buiten spelen?

Is goed, zegt Thomas hij pakt zijn jas en loopt naar buiten.

Bas komt aanfietsen hij woont een straat verder op.

Hallo watjes mag ik me met jullie schoonmaken?, ik bedoel watjes die zijn daar toch voor.

Ja als je make-up van je gezicht af moet halen, zegt Milou, dus heb jij dat?

Sorry hoor stuudje ik word al bang van je, zegt Bas.

O dus nu word de brutale bikkel bang, zegt Thomas.

Bas negeert ze en fietst weg .Nou zo’n bikkel ben je niet, roept Rosalie hem na.

Wat zullen we doen?, vraagt Thomas als Bas de hoek om is.

Ik weet wel wat, zegt Milou, we hebben net een nieuwe camper maar hij komt pas over een kwartiertje ofzo maar dan kunnen we daarin kijken.

Ja dat kan straks, zegt thomas, zullen we is op de site kijken van kinderplezier?

Is goed, zegt Rosalie, ook al is het niet buiten.

Nou en, kom maar bij ons mijn moeder is al weer weg om te werken ik ben alleen thuis, zegt Thomas.

Ze lopen het huis van Thomas in.

Thomas gaat op de computer en tikt bij Google stichting kinderplezier in.

Hij klikt op de eerste link en komt op een site.

Kinderplezier staat er met grote letters geschreven met daar onder:

Adres, info, opgeven, extra, het team.

Thomas drukt op adres er staat. Adres: bloostenweg nummer 13.

Of  gewoon het oude gemeentehuis.

Komt het daar?, vraagt Rosalie.

Blijkbaar, zegt Milou

mijn surprise gedicht

9:21, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link

Beste.......,

Zoals Sint weet hou jij veel van.........

Maar wat dacht je van een..........?

Misschien ben je nu verrast

Sint weet dat het bij jou past

Ook al zat je hier niet echt op te wachten

Heb je toch klachten?

Hopelijk ben je wel blij,

want er zit een.................. bij

Hiermee kan je.......... en ..................

En gelukkig niet ......................

Sint moet er weer van door

Van het voorlezen wordt jij nog schoor

Hij moet naar de boot voordat de reis begint

Groeten Piet en Sint.



anouk deel 16, Saartje

9:18, 2008-Nov-30  ..  comments  ..  Link
Anouk zit op de veranda verdrietig te kijken naar de andere kinderen.

Het liefst was ze toch niet verhuisd.

Er gaan allemaal verschillende en nare gevoelen door haar heen.

Ze schrikt, ineens staat er een meisje net zo groot als haar voor Anouks neus.

Je mag wel met mij, spelen zegt ze.

Ik heb een ondergrondse tunnel in mijn tuin, en een verstopte boomhut!

Mij best, Anouk haalt haar schouders op.

Lange Londo pest mij ook altijd hoor.

Alleen maar omdat ik een tweelingbroer heb,

Waarom moet je niet aan mij vragen.

 Anouk loopt achter het meisje aan: hoe heet jij eigenlijk?

Saartje, en jij?

Ik ben Anouk en ik heb twee broertjes van vijf Teun en Daan.

Ik heb een tweelingbroer, zegt Saartje trots, hij heet Wouter.

Dit is nou mijn tuin, Saartje stopt voor een bruin met wit en zwart huis.

Maar kom, we lopen om, dan zijn we gelijk in de tuin.

Saartje loopt door een poort en rent gelijk naar een boom.

Als je het trappetje naar onder loopt kom je in de tunnel.

En loop je het trappetje naar boven op dan kom je in de boomhut.

Opeen stormt er een hond op Anouk af.

O dat is Rappel, zegt Saartje, mijn hond. Ze aait hem.

Samen lopen ze het trappetje af het is heel donker in de tunnel.

Maar al snel doet Saartje een lampje aan.

Verbaasd kijkt Anouk op.

Er zit een jongetje met sproeten en oranje haren in een hoekje.

Wouter wat doe jij hier?, vraagt Saartje.

Londo heeft me op de grond geduwd ,

En nu zit ik helemaal onder de schaafwonden.

Wie is dat?

Ik ben Anouk, zegt Anouk, ik woon hier aan de overkant.

Heb je Londo al gezien, vraagt Wouter.

Die hele lange, voor hem moet je oppassen.

Raffeltje was jij er ook  nog!, Wouter duikt op de hond af.

Kom wij gaan naar de boomhut, zegt Saartje.

De boomhut ligt achter een paar bomen.

Hij is inderdaad goed verstopt.

Saartje wijst naar een raampje.

Als je daar doorheen kijkt heb je zicht op het voetbalveld.

Daar voetballen de twee vrienden van Wouter.

Zij zijn heel aardig en komen makkelijk tegen Londo op.

Mark en Simon, ik vind Simon de leukste.

Dromerig kijkt Saartje voor zich uit.

Anouk kijkt door het andere raampje. Vanaf daar zie je de tuin.

Ze kijkt naar Wouter en Raffel die aan het spelen zijn.

Wat zullen we doen?, vraagt Saartje.

Zullen we bij ons gaan zwemmen?, vraagt Anouk.

Tenminste als het mag dan.

Is goed.

Een tijdje later zwemmen de meisjes lekker door het zwembad.

Het is heel warm, zelfs het water!



{ Last Page }   { Page 1 of 3 }   { Next Page }

About Me

Home
Profiel
Archief
Vrienden
Verhalen.nl

Links


categorieën


Recente verhalen

Verhaal/Dagboek Jara. Begin:
Leuk begin voor een verhaal:
Nieuwe buren
Stoppen!
tip

Vrienden

WINETTEL
MissKitty
hipio

Indien beschikbaar

RSS Feed
Podcast


Wilt U ook een eigen Verhalen log? Klik dan hier